De Oudere Generatie aan het woord
Ik weet het nog precies, het was 12 minuten over 4, toen de verlossende
woorden mij werden toegeroepen:" Seingever, laat de kooi maar zakken!!!"
Meteen gaf ik het sein 1-1-3, dit betekende de kooi langzaam laten zakken
tot dat het dak weer gelijk kwam met de losvloer. De twee mensen met hun
meetinstrumenten stapten uit. Ik controleerde of er iets was blijven liggen,
maakte de schachtdeuren dicht, en stuurde de Oostkooi, waarmee wij op zondag
altijd het personenvervoer onderhielden naar de mensen toe die al lang
stonden te wachten op de 73O mtr. verdieping. Na aankomst van deze kooi
duurde het even eer het sein 1 + 2 slagen werd gegeven, dwz (ik herhaal
het nog even voor de niet ingewijden) hier is alles oké, de kooi
kan vertrekken. Dit 1+2 sein gaf ik ook door aan de ophaalmachinist en
de kooi zette zich in beweging. een klein stukje maar, toen volgde er een
halt slag (1x) ik klopte natuurlijk ook halt. De kooi werd weer in zijn
oorspronkelijke stand terug gezet. Ik dacht misschien is er nog iemand
komen aanlopen die ook nog graag naar boven wilde, dit kwam wel eens vaker
voor. Opnieuw werd het sein 1+2 gegeven Ik deed ook weer het zelfde. De
kooi vertrok ook nu weer, weer kwam er die haltslag. Nadat de kooi weer
was teruggezet klonk er voor de derde keer het 1+2 ik herhaalde dit wederom
naar de machinist deze kon de Oostkooi toen zonder oponthoud naar boven
brengen. Doordat de claxon van de schachttelefoon zich weer liet horen
ging mij toch wel een lampje brandden, volgens mij had men graag een tweede
etage van de kooi willen voorzetten, zodat iedereen tegelijk mee naar boven
had gekund. Maar hier was een ander sein voor nodig, maar wanneer je deze
niet kende ontstond er van dat stuntelige gedoe . Toen ik de telefoon van
de haak nam kreeg ik van opzichter (xxx) te horen. Met de nodige weinig
vleiende woorden, dat er nog een tiental mensen op de 730 mtr. verdieping
waren. Ik gaf hem de uitdrukkelijke waarschuwing blijf overal van af en
wanneer de mensen van de Oostkooi boven zijn uitgestapt stuur ik deze kooi
weer terug. In stilte hoopte ik dat de twee beambten nog op de vloer aanwezig
zouden zijn wanneer de mensen uitstapten. want zij waren toch de schuldigen
van dit alles. De twee hadden het dan zeker van de ondergronders op hun
donder gekregen, maar nu ze er niet waren mocht ik er van genieten. De
spanning liep nog hogerop en daarom ,
Blijf kijken, blijf lezen ik kom terug.
Pierre Rademakers
Deel 72
email: haijdenh@brunssum.net
De Oudere Generatie aan het woord
Nadat de mopperende ondergronders uit de kooi waren gestapt stuurde
ik deze terug naar de 730 mtr. verdieping om de nog achtergebleven mensen
op te halen Plotseling hoorde ik stemmen steeds dichter bij komen eerst
dacht ik dat enkele heren vanuit da onderste-verdiepingsgang schacht I
naar schacht II toe kwamen. om zich op de hoogte te stellen wat er allemaal
gebeurd was. Dit bleek niet het geval te zijn. Toen de Westkooi bij
de losvioer aankwam en de onderste etage werd voor gezet, hoorde en zag
ik waar dit stemgeluid vandaan kwam. Wat bleek er waren toch nog vier ondergronders
op do Westkooi gestapt zonder hiervoor vooraf een haltsein gegeven te hebben.
Ik had nog zo met de opzichter afgesproken dat hij van alles af zou blijven
tot dat de Oostkooi beneden zou aankomen De opzichter was op dat moment
de seingever, en zoals ons altijd werd meegedeeld was, alle toezichtmensen
ondergronds werden geacht de seinen te kennen . Wat ik de vier mensen
die boven kwamen in hun oor gefluisterd heb zal ik maar niet kenbaar maker.
Geloof maar dat ze zelf wel in de gaten hadden dat dit een grove fout was
en ze blij konden zijn dat zij het er heelhuids van af gebracht
hadden. Onder tussen waren de mensen op de 730 mtr verdieping in de
Oostkooi gestapt en werd het vertreksein naar boven gegeven. Bij
aankomst werden er nog wat pittige woorden gewisseld. vooral de opzichter
die als seingever fungeerde liet zich weinig lovend tegen mij uit. Ik gaf
hem ten antwoord dat hij als opzichter deze toch al verbitterde mensen
beter in de hand had moeten houden, en dat hij wanneer hij de seinen niet
onder de knie had daar met zijn vingers van af moest blijven.
over en weer nog wat geruzied te hebben zei hij dat hij het hierbij
niet liet zitten. hierop gaf ik hem tenantwoord: Je doet maar wat
je niet laten kunt en liet hem staan voor wat hij was en ging gewoon weer
aan mijn werk.
Blijf kijken, blijf lezen. ik kom terug.
Pierre Rademakers